Echt diervriendelijk vlees is gemaakt van planten

diervriendelijkvlees

Het lijkt voor sommige veganisten wel onderdeel van de jaarlijkse kersttraditie: zodra oomlief iets te diep in zijn glaasje glühwein gekeken heeft, wijst ie met een zelfvoldane blik met zijn vork richting de vegan kipstukjes in jouw gourmetpannetje en zegt jolig (alsof hij de eerste is die op dit idee komt): “Als je zonodig veganist moet worden, waarom eet je dan zoiets wat op vlees lijkt?”. Tsja, de eerste veganist die enkel en alleen veganist is geworden omdat ‘ie vlees zo vies vindt, moet ik nog ontmoeten. Vlees is gewoon lekker, maar de manier waarop het tot stand komt is dat bepaald niet.

Welke clown zit er in de boterhamworst?

Hoe geweldig je oom zijn vraag dus ook mag vinden, omgedraaid is ‘ie eigenlijk nog geweldiger, want als je zo nodig vlees moet eten, waarom lijken steeds meer vleesproducten dan niet meer op vlees? Ik heb me altijd verbaasd over boterhamworst in de vorm van een clown, of kipnuggets in de vorm van kerstbomen. Toch moet ook ik eerlijk bekennen dat ik toen ik vlees at ook vooral geen botjes af wilde kluiven, of restjes bloed van mijn snijplank af wilde vegen. En toen ik op de middelbare school hoorde van mijn biologie-leraar dat vlees vooral uit spieren bestond, zat ik die avond met lange tanden een beetje lusteloos in mijn lievelingskostje rond te prikken (Babi Pangang destijds, ik moet er nu niet meer aan denken hahaha). Vlees moest vooral niet al teveel associaties met dieren opwekken. Maar in plaats van te kiezen om dan maar geen dierlijke producten meer te gebruiken, suste ik mijn geweten met de gemalen, gehakte en in nugget-, burger- of worstvorm geperste vleesproducten die slimme marketeers bedachten om mijn ongemakkelijke gevoel weg te nemen. Een ongemakkelijk gevoel dat nog verder weg werd genomen door de mogelijkheid om gewoon in de supermarkt biologische producten te kunnen kopen, gemaakt van “gelukkige” koeien, varkens en kippen, die volgens de dierenbescherming konden rekenen op een 3-sterren behandeling. En die konden het weten toch?

Voor wiens welzijn bestaan die sterren eigenlijk?

Nu ik veganist ben, wordt het me steeds duidelijker dat ik niet alleen was in het zoeken van de balans tussen twee belangen (lekker eten en een goede herkomst van mijn eten). Als ik anderen vertel veganistisch te eten, krijg ik vaak van mensen te horen dat zij maar weinig vlees eten en dat wat ze eten biologisch is, waarna ze me aankijken alsof ze verwachten dat ik ze nu ga belonen met een persoonlijke serenade en confetti. En dat zou ik ook best wel willen, maar hé ik heb a) geen a-capella solotalent, b) voor de gelegenheid niet altijd een confetti-kanon in mijn handtas en c) misschien een ietsiepietsie andere mening. Sorry! Voor veel mensen is het dus vervolgens onbegrijpelijk dat ik op hun eerste punt positief reageer, maar dat ik voor het tweede weinig enthousiasme op kan brengen. Voor mij zijn biologisch vlees of biologische melk en eieren geen verbetering. De dieren lijden nog steeds en voor al deze producten moeten ze nog altijd sterven. Het is niet voor niks dat “diervriendelijk vlees” onlangs is uitgeroepen tot ergerlijkste woord van 2016. Diervriendelijk vlees bestaat namelijk niet. Er is geen dier dat dood wil, laat staan verwerkt wil worden tot -over horrorclowns gesproken- boterhamworst in clownsvorm. Daarnaast zijn producten uit de biologische veehouderij niet per se beter voor het milieu. Het enige dat echt beter is voor dieren en milieu, is nóg minder dierlijke producten consumeren. Etiketten als “diervriendelijk”, “beter leven” en “biologisch” houden echter de consumptie van dit soort producten alleen maar in stand. Door je geweten gerust te stellen met het kopen van dit soort producten doe je aan symptoombestrijding. Je wilt je vooral minder slecht voelen wanneer je vlees eet, maar het lost het eigenlijke probleem waardoor je geweten in opstand komt niet op. Voor mij is het daarom ook onbegrijpelijk dat organisaties die het milieu of de dieren een warm hart toedragen, komen met sterrensystemen of campagnes om mensen te vragen om meer te betalen voor koeienmelk. Laat mensen zich vooral lekker ongemakkelijk blijven voelen over de dierlijke producten die op hun bord liggen en laat ze nadenken over échte oplossingen om dierenleed te verminderen. Uiteindelijk willen we namelijk allemaal hetzelfde: een kleine ecologische voetafdruk, geen dierenleed en een lekkere, snelle en gezonde maaltijd op tafel. Zolang mensen blijven geloven dat dat laatste enkel kan met dierlijke producten en dat dat geen probleem is omdat er verantwoorde dierlijke producten op de markt zijn, zullen ze niet snel overgaan op een echt verantwoorde manier van eten. En hoe gek je oom het dus ook mag vinden dat jouw vleesvervangers een poging doen zijn kipreepjes te kopiëren, stiekem is dat best een compliment aan de producent van jouw hapje. Schijnbaar komen ze al behoorlijk dicht bij de beleving van het kauwen op een stukje beest. En hoewel ik zelf inmiddels weet dat vleesvervangers absoluut niet nodig zijn om lekker en gezond te kunnen eten, zijn het wel producten die kunnen helpen om zelfs de meest bloeddorstige carnivoor over te halen om op zijn minst één dagje geen vlees te eten. Ze maken de overgang op een veganistisch dieet voor veel mensen toegankelijker. En het goede nieuws is dat er ook steeds meer en betere vleesvervangers op de markt komen! De supermarkten zijn wat dat betreft goed bezig, nu mogen de dieren- en milieuorganisaties hun naam nog eens eer aan gaan doen. Het enige vlees dat diervriendelijk is, is namelijk gemaakt van planten. Biologisch vlees is vooral mensvriendelijk.

Wat je misschien ook wel interessant vindt:

6 reacties op “Echt diervriendelijk vlees is gemaakt van planten

  1. Ik vind het zo goed dat je duidelijk laat merken dat je begrijpt wat een vleeseter denkt en dat je ook met voorbeelden komt over
    je eigen gedachten toen je nog vlees at. Het maakt je heel toegankelijk en nuchter en daarom vind ik je blogs zo fijn om te lezen.

    Ook goed gevonden: “waarom lijkt vlees steeds minder op vlees?” die ga ik onthouden 🙂

  2. Wauw, er zit zoveel herkenbaars in je post! Op de
    één of andere manier denkt iedereen dat ik geen
    vlees lust, alsof iets niet lekker vinden de enige
    reden Is om iets niet te eten 😉 Dat de nare
    “nasmaak” van vlees, vis, zuivel en eieren ooit
    genoeg zou zijn om geen zin meer te hebben om
    het te eten had ik vroeger nooit gedacht, dus ik
    neem het degenen die dat (nog) niet begrijpen
    ook helemaal niet kwalijk. Hoera voor al die
    superfirma’s die met plantaardige wondertjes
    bezig zijn!

  3. Top blogpost Selma!! Ik vind de zin ‘waarom lijkt vlees steeds minder op vlees?’ ook een goede! Ik vind het soms ook lastig wat ik
    precies moet zeggen als mensen zeggen: ‘ik eet nu steeds meer biologisch vlees’. Aan de ene kant denk ik, oké het is minder erg,
    maar aan de andere kant heeft deze post me ook laten realiseren dat het misschien gewoon een verbloeming is van het
    probleem inzien! Maar het meteen negatief maken zit ook niet in mijn aard als iemand zoiets tegen mij zegt. Straks met de
    Kerst zullen er vast weer wat gesprekken naar boven komen tijdens het eten, ik ga eens goed naar mijn gevoel luisteren wat ik
    wel en niet wil zeggen 😀

  4. Hey, je bent terug! =D

    Ik vind dit soort artikelen altijd super interessant! Bij ‘diervriendelijke vlees’ moet ik altijd denken aan de stripje waarin
    iemand aan de slager vraagt: ‘Is dit diervriendelijk vlees?’ en dat de slager dan antwoordt: ‘Nee, ze hebben het beest
    doodgemaakt.’ En natuurlijk klopt dat ook gewoon helemaal!

    Maar ehm, Selma… Niet alle milieu-en dierenorganisaties spreken over ‘diervriendelijk vlees’. Ze spreken
    over ‘diervriendelijkER vlees.’ Als in: vlees van dieren die een beter leven hebben gehad dan dieren van bedrijven zonder
    keurmerk. En ‘beter leven’ betekent in dit geval ‘minder slecht’. Volgens mij is daar ontzettend veel verwarring over, waardoor
    sommige activisten/veganisten de oorlog verklaren aan de non-profitorganisaties in plaats van aan de echte ‘slechteriken’:
    de betrokkenen in de voedselindustrie, die vastzitten in een vicieuze cirkel van zoveel mogelijk produceren tegen een zo laag
    mogelijke prijs. Non-profitorganisaties op het gebied van milieu en dierenwelzijn zijn zich er maar al te goed van bewust dat
    er mensen die vinden dat ze niet genoeg doen of dat hun aanpak anders moet. Het is voor hen ontzettend schipperen tussen
    alle partijen die iets van hen verwachten; overheden, bedrijven, collega-organisaties, burgers zoals jij en ik… De echt grote
    organisaties hebben een enorm bereik en dat komt alleen maar omdat ze voor een hele brede aanpak kiezen en geen
    specifieke ‘jij-moet-dit-gaan-eten-en-dat-vooral-niet’- acties op touw zetten. Dat enorme bereik willen ze namelijk graag zo
    houden, zodat ze kunnen blijven lobbyen voor een beter welzijn van dieren en het ontzien van het milieu. De mensheid
    verandert langzaam en onze relatie met eten is complex; niemand houdt ervan als een ander hem gaat vertellen hoe hij zou
    moeten eten en daarom focussen non-profitorganisaties zich daar ook niet op. In plaats daarvan wordt elk stapje in de goede
    richting toegejuicht. Omdat je met stroop nu eenmaal meer vliegen vangt dan met azijn 😉

    Zoooo, lang verhaal, je vindt me vast een zeur xD Maar ik vertel dit soort dingen nu eenmaal graag, omdat er zoveel
    verwarring over is.

  5. Wat een mooie blogpost weer! Ik merk zelf dat ik, wanneer ik voor mezelf kook, vaak iets vegetarisch maak. Niet omdat ik dat
    bewust doe, maar omdat ik simpelweg niet zoveel trek heb in vlees ofzo. Het niet belangrijk vind. Verse groenten gewoon
    lekkerder vind. Terwijl ik af en toe ook nog best van een biefstukje kan genieten. Best gek. Maar door jouw artikelen ga ik wel
    steeds meer nadenken over vleesproducten en waarom we eigenlijk allemaal zo massaal vlees “moeten” eten. Bizar eigenlijk
    hoe zoiets in je gewoontes geramd kan worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *